Ontwikkelingen PPO Rotterdam – voorjaar 2022

Hierbij een overzicht van Directeur-bestuurder Michiel Minderhoud met de recente inhoudelijke ontwikkelingen binnen PPO Rotterdam. 

Ouder en Jeugdsteunpunt   

Op basis van de evaluatie van Passend Onderwijs, zijn er 25 verbeterpunten geformuleerd. Ontoereikende informatie bij ouders en jongeren is er één van. Daarom hebben alle samenwerkingsverbanden in Nederland de opdracht gekregen een ouder- en jeugdsteunpunt in te richten.  Het steunpunt wordt ontwikkeld en ingericht aan de hand van drie pijlers: informeren, steunen en signaleren. De samenwerkingsverbanden Aan den IJssel, RiBA, PPO Rotterdam en Koers VO trekken gezamenlijk op bij het ontwikkelen van dit ouder- en jeugdsteunpunt. Dit jaar staat ‘informeren’ centraal, dit zal onder andere vorm krijgen aan de hand van een integrale website. Inmiddels hebben er meerdere gesprekken plaatsgevonden, waaronder een werksessie met de Ondersteuningsplanraad (OPR) en een digitale focustafel met ouders. Uit deze gesprekken is waardevolle input opgehaald.  De volgende stappen bestaan uit het duiden van de opgehaalde informatie, een gesprek met iemand van de landelijke ‘vliegende brigade’ en een focustafel met kinderen en jongeren. We streven naar een zo ‘lean’ mogelijke inrichting. 

Rotterdam Gaaf
Met het project Rotterdam Gaaf! zet PPO Rotterdam in op een dekkend netwerk voor de ondersteuning van (hoog)begaafde leerlingen. Het doel van Rotterdam Gaaf! is nul (hoog)begaafde thuiszitters en het met expertise aanpakken van handelingsverlegenheid op scholen.  In het huidige Ondersteuningsplan zet PPO Rotterdam t.a.v. (hoog)begaafdheid ook in op preventie en basisondersteuning. Binnen het projectonderdeel Gaaf Centraal richten we ons op een preventieve aanpak voor leerlingen vanaf 3,2 jaar. Vanaf mei starten we in samenwerking met het CJG een serie peergroup-bijeenkomsten voor kinderen en ouders onder de noemer: Koffie en Kind. In de periode vanaf de meivakantie worden er weer verschillende (online) scholingsbijeenkomsten aangeboden op wijkniveau. Van iedere Rotterdamse school kunnen twee personen deelnemen aan deze bijeenkomsten.
In samenwerking met de Thomas More Academie is in de afgelopen maanden een Post-HBO opleiding tot specialist begaafdheid ontwikkeld. Leerkrachten en intern begeleiders van Rotterdamse scholen krijgen een hoge korting op het collegegeld: https://thomasmoreacademie.nl/post-hbo-opleiding-specialist-begaafdheid/  

In oktober 2022 wordt met een studiereis naar (Connecticut) de Verenigde Staten de toepasbaarheid van het Schoolwide Enrichment Model onderzocht. Dit door Joseph Renzulli ontwikkelde model heeft zich bewezen als bevorderend voor schoolsucces en leermotivatie en biedt, met begaafdheid als uitgangspunt, verrijking voor álle leerlingen. De deelnemersgroep bestaat uit medewerkers (begaafdheidsspecialisten) van PPO Rotterdam, medewerkers van Koers VO, een vertegenwoordiging van de schoolbesturen voor PO, een vertegenwoordiging vanuit het VO, vertegenwoordigers namens de Onderwijsraad en de gemeente Rotterdam. 

Centrale Aanmelding en toeleiding (V)SO 

Op 1 oktober 2021 is de centrale aanmelding en toeleiding (V)SO van start gegaan. Met deze werkwijze dragen de betrokkenen van de (SO) scholen, PPO Rotterdam, Koers VO en de gemeente Rotterdam zorg voor een zo snel en eenduidig mogelijk proces met betrekking tot de afgifte van TLV, aanmelding tot en met de plaatsing op een passende (V)SO school voor een leerling. Ondanks dat er sprake is van een lerende invoering worden er al eerste resultaten gezien. Er is eerder duidelijkheid m.b.t. het vinden van een geschikte plek voor een leerling, er is grote betrokkenheid van eenieder om zo snel mogelijk een geschikte plek te vinden bij complexe casussen, er zijn korte lijntjes met zorgonderwijsspecialisten (ZOS’ers), de samenwerking tussen de SO-scholen onderling en PPO Rotterdam en Koers VO met betrekking tot de TLV procedure en de centrale aanmelding zijn versterkt en door voortdurende wederzijdse feedback vanuit het scholenveld worden de procedures van de centrale aanmelding verfijnd. Het dashboard van de centrale aanmelding zal naar verwachting begin schooljaar 2022-2023 in de lucht zijn en inzicht gaan geven in de capaciteit binnen het SO voor de verschillende doelgroepen en leeftijden. Voor het eind van het schooljaar 2021-2022 zullen met alle betrokkenen van de SO-scholen monitorsgesprekken gepland worden met als doel om de successen en knelpunten op te halen om de werkwijze te optimaliseren. Aan het begin van het schooljaar 2022-2023 zal er een uitgebreide evaluatie plaats vinden op de doelstellingen van de centrale aanmelding. 

SOP’s SO 

Eén van de hindernissen die bij Centrale aanmelding naar voren kwam is dat de SO-scholen aangaven dat de SCP te weinig zicht hebben op de verschillende mogelijkheden die de SO-scholen hebben. PPO Rotterdam heeft een onderzoek gedaan en de SOP’s van alle Rotterdamse SO-scholen doorgelicht en samengevoegd tot één document. Opvallend is dat bijna alle SOP’s met uitzondering van enkelen gebaseerd zijn op het medisch model, wat adviseren door onze SCP erg lastig maakt. De SOP’s zijn allemaal gebaseerd op beperkingen, IQ’s etc. en nauwelijks tot niet op het gebied van handelingsgericht werken gericht. Dat is opvallend 8 jaar na de start van PPO Rotterdam waarbij handelingsgericht indiceren als uitgangspunt werd beschouwd. PPO Rotterdam gaat de discussie met de SO besturen aan over hoe onderscheidend de SOP’s zijn en hoe zij willen dat de SO scholen in Rotterdam bekend staan met welk arrangement. Die discussie was al gestart maar nu de SOP’s zijn doorgelicht komt de complexiteit nog duidelijker naar voren. 

Capaciteits problematiek SO3 en SO4 

Via de sectorkamer PO is onderstaand probleem aangekaart. 

Uit de data verzameld in januari 2022 tijdens de gesprekken met de SO scholen door het team Centrale Aanmelding en Toeleiding en vanuit de voorschoolse zorginstellingen als MKD de Kleine Plantage komen alarmerende signalen.  

Op dit moment, februari 2022, kunnen er geen kinderen meer geplaatst worden op de Rotterdamse ZML-scholen. Ook bij andere SO 3-scholen is het aantal beschikbare plekken soms beperkt, en SO 4-scholen hebben nauwelijks nog plekken beschikbaar. Daarnaast geeft een aantal (ZML-)scholen aan ook in augustus 2022 geen plaats meer te hebben voor nieuwe leerlingen en dat terwijl de jaarlijkse ‘TLV piek’ (toelaatbaarheidsverklaringen) er nog aan komt.  

De populatie ZML leerlingen is voor het eerst in de geschiedenis fors gegroeid. Het tekort aan plaatsen leidt tot groeiende aantallen thuiszitters, onacceptabele wachttijden/wachtlijsten en kinderen die naar een zorginstelling gaan of daar blijven, omdat er geen onderwijsplek beschikbaar is. Het gaat hier vooral om jonge kinderen met complexe ondersteuningsbehoeften  

Concreet is een directe capaciteitsuitbreiding SO 3-ZML van 60 plaatsen noodzakelijk. De behoefte aan groepen voor ZML kinderen met een meer complexe hulpvraag is daarbij het grootst. Denk hierbij aan kleinere klassen (max 8 kinderen) met 2 fte onderwijsinzet en soms ook nog zorginzet erbij.  

Voor SO 4 geldt hetzelfde, hoewel het hier vooral gaat om een tekort aan plaatsen binnen de bovenbouw. PPO Rotterdam schat op basis van de capaciteitslijsten dat SO 4 per direct zou moeten uitbreiden met 40 plaatsen.  

De gevolgen van dit capaciteitstekort zijn groot: de voorschoolse en zorginstellingen kunnen hun kinderen niet naar een passende plek in het onderwijs doorplaatsen, het ontbreekt vele kinderen aan de voor hen noodzakelijke ondersteuning en het aantal thuiszitters groeit. 

Leesinfrastructuur Rotterdam 

De commissie Kwaliteit is om advies gevraagd t.a.v. de inzet/uitbreiding van de leesondersteuning door PPO. Hoe is de stand van zaken rond de Rotterdamse leesinfrastructuur en de ondersteunende rol die PPO daar wel of niet in zou moeten spelen? 

De commissie Kwaliteit adviseert mij het volgende:  

Het lezen behoort tot de basisondersteuning en het is de taak van de schoolbesturen dit zo goed mogelijk vorm te geven. Een brede werkgroep leesspecialisten heeft de bestuurders een aantal adviezen gegeven die moeten leiden tot een sterke verbetering van het Rotterdamse leesonderwijs. Het plan is dat de besturen dit gezamenlijk oppakken. De besturen erkennen dat verbetering noodzakelijk is maar zien dat als hun taak en niet als taak van PPO. Ons huidige aanbod van leesondersteuning gericht op individuele leerlingen wordt zeer gewaardeerd maar wordt niet meer als passend ervaren als onderdeel van het PPO aanbod. PPO is gevraagd de nog aanwezige expertise op leesondersteuning zó in te zetten dat de kennis zo breed mogelijk over de stad wordt verspreid.  

Deze adviezen worden door ons opgevolgd. 

Oog voor jou 

Binnen de werkgroep OOG VOOR JOU is de pilot OOG VOOR DE START begonnen. Hierbij wordt een werkwijze voor het primair onderwijs ontwikkeld om tot een integrale aanpak te komen waarbij het stimuleren van aanwezigheid van leerlingen op school centraal staat. Na een tijd stil te hebben gelegen vanwege de corona crisis, zijn in schooljaar 2021-2022 de eerste pilot scholen begonnen met startgesprekken. Hierbij sluiten alle betrokken ketenpartners rondom een school aan om met elkaar te komen tot doelen rondom aanwezigheid en de benodigde inzet van eenieder om deze doelen te bereiken. Gestreefd wordt naar het ontwikkelen van een werkwijze die binnen de scholen zelfstandig kan worden inzet. Momenteel wordt er nog gezocht naar de personele invulling voor de rol van projectleider.  

Thuiszitters 

Het aantal thuiszitters is dit schooljaar groter dan vorig schooljaar. Sinds januari 2022 zitten we op een stabiel aantal thuiszitters tussen de 95 en 100 leerlingen. Hierbij moet opgemerkt worden dat zo’n 30 leerlingen geen ‘officiële’ thuiszitter zijn. Zij zijn 4 jaar en dus nog niet leerplichtig. Of ze zitten korter dan vier weken thuis. PPO blijft ernaar streven om ALLE thuiszitters, dus ook de vierjarigen, vanaf dag 1 van thuiszitten in beeld te hebben. Dit lukt goed, mede door een goede samenwerking met het scholenveld en voorschoolse instellingen.  

Bij de thuiszitters vallen twee zaken op: 1) de leeftijdsgroep 4 en 5 jaar is oververtegenwoordigd bij de thuiszitters en 2) 60% van de thuiszitters is op zoek naar een zorgarrangement en dus niet naar een onderwijsplek.   

De toename van het aantal jonge thuiszitters baart ons zorgen. Dit punt is gedeeld in onder andere de sectorkamer. Het goede nieuws is dat de gemeente Rotterdam hier volop op inzet. Twee zorgonderwijsspecialisten zijn actief voor jonge thuiszitters die op zoek zijn naar een zorgarrangement. Ook is vanuit de gemeente een werkgroep Jonge Kind gestart met vertegenwoordigers vanuit schoolbesturen, voorschoolse instellingen, SMW, CJG en PPO. De werkgroep is op concrete acties gericht. Wij verwachten hier veel van.  

Voor PPO is het lastig dat de meeste thuiszitters op zoek zijn naar een zorgarrangement in plaats van naar een onderwijsplek. PPO maar ook de Taskforce Thuiszitters heeft weinig handelingsmogelijkheden bij die groep thuiszitters. Daar ligt de casusregie bij een wijkteam of een jeugdbeschermingsorganisatie. We zijn wel voortdurend in gesprek met de gemeente over deze groep kinderen, ook omdat we merken dat de gemeente geen overbruggingszorg realiseert voor kinderen die op een zorg-wachtlijst staan.  PPO verwacht veel van de nieuwe aanbesteding van Dagprogramma’s voor zowel het jonge kind als kinderen vanaf 6 jaar. We zien in die aanbesteding goede initiatieven om onderwijs en zorg in die dagprogramma’s te combineren. Deze dagprogramma’s zullen 1 januari 2023 starten.  

Zowel in het onderwijs als in de jeugdhulp kampen we met wachtlijsten. Het Speciaal Onderwijs kent wachtlijsten, maar voor veel zorgarrangementen zijn die wachtlijsten er ook. Het is op dit moment dus lastig om (thuiszittende) kinderen op een gespecialiseerde passende plek te krijgen.   

Het goede nieuws is dat thuiszittende kinderen die op zoek zijn naar een (andere) reguliere basisschool of naar een SBO-school over het algemeen snel en met succes geholpen worden. De samenwerking met scholen en schoolbesturen is daarbij prima. De thuiszitterslijst blijft dus dynamisch. Iedere week komen er nieuwe kinderen bij, maar gelukkig weten we ook iedere week voor kinderen oplossingen te vinden.    

In onze samenwerking met Leerplicht Rotterdam en de Taskforce Thuiszitters is het van groot belang dat de thuiszitterslijsten van PPO en van Leerplicht overeenkomen. De thuiszittende kinderen die we met elkaar vergelijken, zijn de thuiszitters van 5 jaar en ouder die meer dan vier weken achtereenvolgend thuiszitten (dat is de definitie die leerplicht aanhoudt). Leerplicht en PPO Rotterdam zouden beide dezelfde leerplichtige kinderen moeten kennen als thuiszitter. Aan de schoolbesturen en de scholen daarom het verzoek om thuiszitters (in de leerplichtige leeftijd) gelijktijdig bij zowel leerplicht als PPO te melden. Onze thuiszitterscoördinatoren bemerken al een paar maanden grote verschillen. Ook deze maand hebben zij een check gedaan: maar liefst 24 leerplichtige thuiszitters met een inschrijving op een Rotterdamse basisschool zitten al meer dan vier weken thuis, maar komen niet voor op de leerplicht thuiszitterslijst. Er zal op korte termijn -samen met leerplicht- uitgezocht worden hoe het komt dat dit verschil zo groot is. Zodra we hier een uitkomst van hebben, zullen we u hierover informeren. 

ONZE-aanpak  

Inmiddels is het project de ONZE-aanpak aan het derde projectjaar begonnen. Uit de monitoring door Oberon komen de volgende aandachtspunten/ontwikkelingen naar voren: 

  • We merken dat de terugkerende coronamaatregelen en de voortdurende personeelstekorten hun wissel trekken op de scholen. De ONZE-aanpak is gebaat bij een stabiele bezetting waarin mensen elkaar goed kunnen vinden en samen hun werkroutine kunnen opbouwen. Maar in deze periode staat die stabiliteit onder druk als gevolg van uitval, personele wisselingen en tekorten. Desondanks is de aanpak op alle scholen overeind gebleven en in veel gevallen ook verder doorontwikkeld en uitgebouwd. 
  • Intern ligt het accent op het doorzetten van de ONZE-aanpak naar het handelen van leerkrachten in de klas, een goede wisselwerking tussen leerkrachten en ONZE-assistenten, groepsgericht werken en meer inzet op  preventie.  
  • Alle scholen geven in deze periode vorm aan inzet van NPO-middelen, onder meer met extra capaciteit van bijvoorbeeld remedial teachers, intern begeleiders, assistenten of andere onderwijsprofessionals. Sommige scholen verbinden de NPO inzet expliciet aan de ONZE-aanpak, op andere scholen lopen beide ontwikkelingen naast elkaar. 
  • Extern werken alle scholen aan versterking van de werkrelaties met (zorg)partners. Daarbij gaat het vaak om korte lijnen, bereikbaarheid, snel kunnen handelen en hulp op maat bieden. Daarbij valt het volgende op:  
      • De relatie met samenwerkingsverband PPO is versterkt door de combinatie van de functie van gedragswetenschapper/schooltactpersoon; 
      • De relatie met Veilig Thuis is goed geborgd met één vaste contactpersoon voor alle ONZE-scholen; 
      • Schoolmaatschappelijk werk begint steeds meer onderdeel uit te maken van de ONZE-aanpak. Op sommige scholen moet de verbinding nog worden versterkt. 
      • De relatie met het CJG wordt wisselend beoordeeld. Sommige scholen zijn daar positief over, anderen niet.  
      • De relatie met de wijkteams is in beweging gebracht. De eerste ervaringen met het wijkteam in de school zijn positief. Meer ONZE-scholen willen daar nu mee aan de slag. Mogelijk dat hierbij aangesloten kan worden bij de ontwikkeling van de school zorg teams, die vanuit de gemeente worden ingezet. 
  • De toegang tot gespecialiseerde zorg blijft vooralsnog moeizaam. Het werkbudget voor ‘anders niet te verkrijgen zorg’ wordt vaker ingezet. 
  • Gelukkige kinderen en tevreden ouders: de ONZE-scholen geven aan dat zij opbrengsten zien in termen van meer rust in de school, kinderen die zich beter kunnen ontwikkelen en ouders die in een vertrouwde omgeving gemakkelijker de weg naar zorg weten te vinden. Scholen denken na over de wijze waarop ouders meer betrokken kunnen worden bij de doorontwikkeling van de ONZE-aanpak. 

Aansluiting onderwijs en zorg 

PPO Rotterdam is volop betrokken bij de aanbestedingen van de afdeling Jeugd van de gemeente Rotterdam wat betreft onderwijszorgarrangementen (OZA) en de lokale jeugdhulp. PPO heeft vanaf het begin samen met Koers VO mee mogen denken hoe het nieuwe inkoopkader eruit zou moeten zien. PPO waardeert het zeer dat de gemeente haar zo gericht betrekt bij de vormgeving van nieuw beleid.  

  • Een grote verandering bij de Onderwijszorgarrangementen is dat deze vanaf 1 augustus 2022 voor de basisonderwijsleeftijd alleen nog betrekking hebben op het SO. De OZA’s kunnen vanaf 1 augustus 2022 beschikkingsvrij worden ingezet. Dit geeft meer handelingsvrijheid aan de SO-scholen en de OZA-aanbieder van jeugdhulp. Het is mooi dat deze wens van de SO-scholen is ingewilligd. Het aanbestedingsproces van de OZA’s is bijna afgerond. Eind maart/begin april zal de gegunde partij bekend worden. 

Dagprogramma’s (zoals BEO) en ondersteunende jeugdhulp op school voor kinderen in het SBO en regulier basisonderwijs gaan onder de inkoop van lokale jeugdhulp vallen. De dagprogramma’s zullen uit drie onderdelen bestaan: 1) dagprogramma’s Jonge Kind (onder de 6 jaar), Ontwikkelingsgerichte dagprogramma’s en Schoolgerichte Dagprogramma’s. De Ontwikkelingsgerichte dagprogramma’s richten zich op kinderen die niet direct een perspectief tot schoolgang hebben (bijv. kinderen in KDC’s). In deze programma’s is nadrukkelijk opgenomen dat ook daar een vorm van onderwijs (op de zorg/behandellocatie) plaatsvindt. De schoolgerichte dagprogramma’s bieden een gecombineerd onderwijs- en zorgprogramma, in principe binnen de muren van een schoolgebouw. De gemeente Rotterdam steekt bij de dagprogramma’s ook in op ambulantisering. Waar mogelijk kan een kind ook ambulant, op zijn eigen school, van een dagprogramma profiteren. PPO is blij met deze ontwikkeling. Dit beleid start op 1 januari 2023. De aanbesteding hiervan is net gestart.  

Bedrijfsvoering 

  • Verbetering efficiency bedrijfsprocessen 

Het afgelopen halfjaar is ingezet op de verdere verbetering van financiële en personele processen, samen met het per 1 januari 2021 gestarte administratiekantoor Qualiant. Hierbij worden de aangeboden ICT-oplossingen steeds beter benut. Zo is er begonnen met het inrichten van de contractadministratie en vindt verdere digitalisering van HR-activiteiten plaats (bv digitale briefafhandeling, vereenvoudiging declaratieprocessen voor mobiliteit). Alle HR-processen zijn beschreven en gestandaardiseerd.  

  • Beleidsaandachtspunten 

Aan HR-kant is het Professionaliseringsbeleid tot en met einde Ondersteuningsplanperiode opgesteld, zijn het bestuursformatieplan, het werkverdelingsplan en jaarlijkse vaststelling van het functiehuis in één geïntegreerd beleidsdocument verwerkt: het Personeelsplan. Er wordt momenteel gewerkt aan de modernisering van de gesprekkencyclus voor het volgende schooljaar. Mede vanwege het hoge ziekteverzuim (10-12%), voornamelijk langdurig verzuim met grotendeels medische oorzaak, zijn nieuwe afspraken met de arbodienst gemaakt, met een andere arbo-arts die meer past bij de visie van PPO Rotterdam voor verzuimondersteuning. Vanwege het hoge aantal vacatures (de afgelopen maanden ca 9 fte), gedeeltelijk opgevangen met externe inhuur, is extra energie gestoken in de verbetering van het proces van werving en selectie. Bijvoorbeeld met de invoering van een ‘werkenbij’-website en inzet van social media. De resultaten zijn wisselend. In het najaar van 2021 is het PPO-inkoopbeleid vastgesteld.  

  • Overig 

Half maart is de verhuizing van drie OAT’s naar de derde verdieping van de Schiekade afgerond. Aan de hand van een in het najaar van 2021 gehouden medewerkersonderzoek wordt momenteel gewerkt aan een Plan van Aanpak ten behoeve van de Risico evaluatie en inventarisatie, maar ook voor nieuwe manieren van werken in de toekomst.  

Michiel Minderhoud  

Directeur-bestuurder PPO Rotterdam